Dag 5: Camino Portugués: Caminha – Oia: dagverslag

Etappe 5: Caminha – Oia: 25,1 km – 651 HM+

Hola Espana! Oversteken naar Galicië

Vandaag schakelen we bewust een versnelling lager. En eerlijk? Dat mocht ook wel eens. Volgens de Camino Ninja-app staan er 22 kilometer op het programma, dus we gunnen onszelf een slow start. We worden rustig wakker, nemen uitgebreid de tijd voor het ontbijt en pas daarna beginnen we aan het inpakken van onze rugzakken.

INHOUD

Rond half elf hebben we de ferry gereserveerd bij ‘XaceboTransfer’ die ons de grens over zal brengen. Van *bom dia* naar *buenos días*, van Portugal naar Spanje! De oversteek over de Rio Minho is kort, maar symbolisch: hallo Galicië, hallo tijdsverschil. Terug op Belgische tijd!

Geen brug? Geen probleem. Deze rode Ferry brengt je verder.

We kregen de tip om hier de ferry te reserveren. Er varen namelijk meerdere heen en weer, maar blijkbaar zou niet elke aanbieder even nauwkeurig omgaan met de reservaties. Of dat echt zo is, weten we niet — wij kiezen voor de veilige optie en volgen het advies op.

Het is even wachten op de volgende Ferry.

Om 10u20 staan we klaar aan de aanlegsteiger. Perfect op tijd, denken we, tot we zien hoe de boot — of beter gezegd, het motor-bootje — net van de steiger vertrekt. De schipper zwaait naar ons en roept in gebroken Engels: “I’m back within a quarter!” Tja, dan maar even wachten. 

De Ferry was ons nét te snel af, tien minuten te vroeg weg… gelukkig keert hij zo terug.

Dat kwartiertje blijkt nogal optimistisch ingeschat. Het wordt uiteindelijk drie kwartier… Gelukkig worden we ondertussen geëntertaind door een roeicoach die twee jonge roeiers de eerste kneepjes van het vak leert. In hun eenmansskiff oefenen ze om de riemen onder controle te krijgen, dobberend op de golven van de zee.

Twee jonge roeiers in hun eenmansskiff, met een coach die geduldig de basis bijbrengt.

Dan is het zover: we mogen aan boord…we zijn maar met ons tweetjes.  De overtocht over de Rio Minho duurt ongeveer een twintigtal minuutjes, maar vraagt toch wat stuurmanskunst. Door de lage waterstand moet de schipper behoedzaam laveren tussen zandbanken en ondieptes. Maar zodra we het diepere deel van de rivier bereiken, laat hij het gas los. Het motorbootje zoeft als een rode pijl over het gladde water, de Portugese oever glijdt achter ons weg en aan de overkant wacht Galicië. Met een zachte schommeling legt de boot aan. We stappen uit en zetten voet op Spaanse bodem. De eerste stappen in Galicië zijn een feit.

Een pittig rood motortje van XaceboTransfer: onze Camino kreeg vleugels op het water.

Klimmen tussen eucalyptusbomen: het pad bijna voor ons alleen

We kiezen niet voor de vlakkere weg langs de kust, maar voor de klim over de berg. Meteen stevig stijgen dus… tussen de eucalyptusbomen door, en… niemand te zien. Het is doodstil op dit stuk. Zou iedereen al veel vroeger vertrokken zijn? Of nemen de meesten de langere kustroute of de Camino Central? Geen idee, maar we hebben de trail bijna voor ons alleen. 

In A Guarda worden we dan weer volledig ondergedompeld in het stadsleven. Het bruist van de activiteit — het is zaterdagmarkt! Met onze rugzakken zigzaggen we tussen de mensen door op zoek naar een rustplek. Op een rustig pleintje ploffen we neer op het terras van ‘art Café’. Een cappuccino en een stempel later, zijn we weer op pad.

Tussen camino-stappen door: een stil pleintje en een perfect geschuimde cappuccino pauze.

Na A Guarda trekken we verder langs een prachtig kustpad. De route slingert zich over stenen paden, over rotsen, omhoog en omlaag, met de zee als onze constante metgezel. Het ruikt naar zout, de golven rollen ritmisch binnen — dit is puur genieten. 

Bart voorop, lunchzakje in de hand – koers richting kustpad.
Zout in de lucht, wind in het haar – terug op het pad langs de Oceaan.

Cetáreas: een ontmoeting met het verleden

Langs de ruige kustlijn van A Guarda liggen de zogenaamde Cetáreas: natuurlijke opslagplaatsen die eind 19e eeuw in de rotsen zijn gebouwd om schaaldieren – en vooral kreeft – vers te houden. De streek stond in heel Spanje bekend om haar kreeft, en om aan de grote vraag te voldoen, bedacht men destijds een manier om de vangst tijdelijk op te slaan, vlak bij zee. Zo konden de delicatessen hun bestemming in het binnenland bereiken zonder aan versheid in te boeten.

a
De Cetárea: oude stenen en zeewater, ooit het domein van verse kreeft.
Het pad brengt ons bij de cirkelvormige opslagplaats… een stille getuige van het lot dat de kreeften hier te wachten stond.

Tijdens onze wandeling komen we onverwacht zo’n oude Cetárea tegen. We wandelen ernaartoe, nieuwsgierig. Het complex ligt er verlaten bij – zelfs het bijbehorende huis, ooit een levendig middelpunt van de kreeftenvangst, ademt een sfeer van vervlogen tijden. De stenen muren worden langzaam overwoekerd door de natuur. Ramen en deuren zijn nog zichtbaar, maar duidelijk al jaren aan hun lot overgelaten. Binnen tekent graffiti de stilte, alsof ook die een poging doet om het verhaal levend te houden.

Het huis kijkt uit over zee, stil en vervallen. De tijd lijkt hier te zijn blijven stilstaan.
Op de rotsen rond de Cetárea: alleen de rotsen herinneren zich nog de bedrijvigheid van vroeger.

Real Monasterio de Oia: Echo’s van een roerige geschiedenis.

We passeren het indrukwekkende ‘Real Monasterio de Oia’, ooit een belangrijk klooster met een rijke en bewogen geschiedenis. Het verlaten complex trekt meteen onze aandacht — we blijven even stilstaan om de sfeer op te snuiven.

Sinds de 12e eeuw leefden hier monniken een afgezonderd bestaan. Hun invloed reikte ver: van Baiona tot aan Portugal. Aangesloten bij de cisterciënzers, stonden ze bekend om hun zakelijke aanpak en hun vermogen om het ruige landschap nieuw leven in te blazen. Zo introduceerden ze onder andere de paardenfokkerij in de regio. Dit leidde tot de traditie van de ‘Rapa das Bestas’. Begin juli is het in Mougás weer tijd voor de ‘Rapa das Bestas’, een eeuwenoude traditie waarbij halfwilde paarden uit de bergen worden bijeengedreven en naar een omheinde arena – de ‘curro’ – gebracht. Daar worden ze zonder veel hulpmiddelen vastgepakt om hun manen kort te knippen (Rapa) en te controleren op parasieten of verwondingen. Deze verzorging verloopt vaak vrij ruw. Daarna gaan de meeste paarden weer vrij terug de natuur in, waar ze tot het volgende jaar rondlopen. Sommige jonge paarden worden verkocht of blijven dichter bij mensen, maar de meeste keren gewoon terug naar de heuvels en bossen. Ik vind het een beetje dubbel. Het opjagen en vangen is duidelijk stressvol voor de paarden, maar tegelijkertijd krijgen ze op dat moment wel de verzorging die ze nodig hebben.

Een stukje geschiedenis en rust aan de Galicische kust — het Real Monasterio de Oia.

Ook stimuleerden de monniken de wijnbouw langs de Miño en brachten ze na de ontdekking van Amerika nieuwe gewassen mee, zoals tomaten en maïs.

De kleine, beschutte baai voor het klooster was destijds de enige veilige ankerplaats tussen Miño en Baiona tijdens stormweer. Om piraten op afstand te houden, hield een klein garnizoen soldaten permanent de wacht.

Het kloosterleven eindigde in 1936, toen kerkelijke bezittingen werden genationaliseerd. De kerk werd een parochiekerk en de overige gebouwen wisselden sindsdien meermaals van eigenaar. Tijdens de Spaanse Burgeroorlog deed het complex zelfs dienst als militaire gevangenis voor tegenstanders van Franco.

Vandaag zijn er plannen om het klooster om te vormen tot hotel en zo het erfgoed te behouden. Tot die tijd wordt het Real Monasterio de Oia gebruikt voor culturele evenementen en is het toegankelijk voor bezoekers.

Voeten in vuur en vlam: de tol van een verkeerde keuze

Soms lopen we vlak langs de oceaan, met het geluid van de golven op de achtergrond. Andere keren volgen we een breed, geel voetgangers-fietspad dat zich tussen de kustlijn en de weg slingert. Eigenlijk een ideaal wandelpad — tot zo’n 13 kilometer ver. Dan begint de miserie. Mijn voeten voelen alsof ze in brand staan. Weg sfeer, hallo frustratie.

Praktisch en robuust, deze horeo draagt zijn geschiedenis met trots.
Een subtiel decoratief hoekje: dit miniatuurtje brengt sfeer zonder woorden.

En waarom? Omdat ik besloot mijn steunzolen thuis te laten om wat gewicht te besparen in het vliegtuig. Grote vergissing. Mijn schoenen zijn nauwelijks ingelopen, en dat laat zich nu voelen. Mijn op maat gemaakte zolen hadden hier echt het verschil kunnen maken.

Die brandende voeten dwongen ons tot eindeloze pauzes, waardoor we maar moeizaam vooruit geraakten.

Twee blaren zijn het probleem niet, daar kan ik mee om. Maar die brandende, zeurende pijn maakt elke stap zwaarder. Ik wissel tussen schoenen en slippers, probeer andere sokken, neem pauze na pauze… maar niets lijkt echt te helpen.

Door af te wisselen tussen schoenen en slippers werd het iets beter te verdragen.

En toch gaat het maar over één ding: blijven stappen. De camino loopt niet vanzelf, maar toch begin ik te twijfelen of ik deze camino wel helemaal zal uitlopen. 

Een onverwacht rustmoment: gele stoelen en een waterbron

Op een onverwacht moment stuiten we op twee gele stoelen met uitzicht op de oceaan — een klein geschenk uit de hemel. Broodje kaas erbij, voeten omhoog en even diep ademhalen. Niet ver van daar vandaan vind ik een klein waterbronnetje waar ik mijn voeten in kan laten zakken. Wat een verademing! Dit moment geeft me net dat beetje extra energie om de laatste vier kilometer op een menselijker tempo af te leggen.

Het frisse water uit het bronnetje kalmeerde mijn voeten, waardoor ik de laatste 4 km weer vlotter kon lopen.

Aangekomen in hotel Glascow: rust en verzorging 

Eenmaal aangekomen in hotel ‘Glascow’ is het tijd voor de welverdiende verzorging: een douche, cooling gel, aloe vera en mijn vermoeide voeten insmeren en masseren. Ik ben vooral dankbaar dat Bart, die ondanks onze vele pauzes kalm en geduldig bleef — niet vanzelfsprekend. Ook vandaag kunnen we gelukkig weer in het hotel zelf genieten van ons avondmaal.

22 km volgens de app, 25 in werkelijkheid

De app ‘Camino Ninja’  zei 22 kilometer, maar in het echt waren het er  25. Niet zo’n groot verschil, maar mijn voeten maakten er wel meteen een heel drama van. Tja, dat krijg je als je schoenen niet helemaal willen meewerken! Morgen kijken we hoe het gaat. Als het echt niet lukt, gun ik mezelf gewoon een relaxte rustdag in Baiona. Soms moet je gewoon even gas terugnemen. Fingers crossed!

About the author

Tips, vragen of leuke inzichten? Deel gerust, ik lees ze graag!